De mens is een ding tussen twee lippen die zichzelf ter sprake proberen te brengen.
niets wijst erop dat vannacht anders zal zijn dan andere nachten
behalve dan de opening
behalve dan het begin
misschien is dat genoeg
is dat de eerste steen
toen zij net binnen kwam met die pruik op
bekroop mij een zeer onbehagelijk zeer zeer onbehagelijk gevoel
| uit Er moet licht zijn
Een stad, een avond. Vijf vrienden en vriendinnen, - 'een naadloze dansgroep', hand in hand, maar al een eeuwigheid alleen - maken zich op om naar een verkleedfeest te gaan. 'Want dit is toch iets als feest? We gaan toch naar een feest?'
Er moet licht zijn probeert hen in woorden te vangen. Een stuk over vrienden en geliefden die blijven proberen te benoemen wat ze eigenlijk voelen en wat dan liefde is. Een stuk over denken en praten. Over dat het haast onmogelijk is precies te herhalen in woorden wat je net gedacht hebt en om dat wat je net in woorden benoemt hebt waar te maken. Een oneindige poging om de liefde uit te spreken.
Hannah van Wieringen (1982) is een jonge schrijfster die de onvolmaakte pogingen van mensen om hoop te ontlenen aan elkaar gevoelig beschrijft. Haar personages zijn zich bewust van de kloof tussen wat leeft in hun gedachten en wat ze hardop zeggen. Dat bewustzijn is pijnlijk en ook grappig. Met schaamte, woede en zelfspot doorzien ze hun eigen onvermogen. Toch blijven ze volharden, blijven ze proberen de woorden te vinden om gezien, gehoord en gekend te worden.
Marcus Azzini regisseerde drie jaar geleden Reiger ex machina van Hannah van Wieringen bij het Gasthuis in Amsterdam. In Club Oostpool was bovendien haar monoloog Engst te zien.
Hannah van Wieringen | met Sanne den Hartogh, Bram van der Heijden, Maria Kraakman, Janneke Remmers, Bas van Rijnsoever | regie Marcus Azzini | vormgeving Pascal Leboucq | kostuums Ties Princen | dramaturgie/ regie-assistentie Roeland Hofman | portretfotografie Annaleen Louwes