Kogelvis | Toneelgroep Oostpool | Marcus Azzini

Interview met Marcus Azzini over Romeo en Julia

door Madelon Kooijman

Romeo en Julia wordt veelal gezien als een klassiek liefdesverhaal. Waar gaat het stuk volgens jou over?

Wat ik mooi en fascinerend vind, in het stuk en in het leven, is dat er zelfs in tijden van oorlog liefde ontstaat. Shakespeare toont in Romeo en Julia een liefde die opbloeit in een onevenwichtige haatdragende situatie vol strijd en frictie. In het stuk schuilt daarbij de romantische gedachte dat liefde haat zou kunnen overwinnen. Ik denk echter dat liefde haat overstijgt en overleeft, maar absoluut niet overwint. Liefde zonder haat bestaat niet. Wat ik zo mooi vind aan het stuk is dat het laat zien dat we als mens zowel kunnen haten als liefhebben. Ik denk dat het in Shakespeares Romeo en Julia zelfs zo is dat haat de radicale overgave om voor de liefde te willen gaan versterkt. Zonder haat verzwakt of verdunt de hartstochtelijke liefde. Shakespeare zet die twee levenselementen in Romeo en Julia prachtig naast elkaar en Jan Hulst en Kasper Tarenskeen hebben dit in hun bewerking goed versterkt.

In het stuk is er de rol van pater Lorenzo die probeert om met alles wat hij voor handen heeft vrede te stichten. Ondanks dat hij enorm faalt in die pogingen heeft hij een aanhoudende intentie om vrede te brengen. Dit vind ik ook echt een mooi en interessant thema. Lorenzo probeert vrede te stichten op een plek waar het onduidelijk is waarop de haat is gebaseerd. Het stuk draait om twee families die elkaar haten en Shakespeare geeft eigenlijk niet zoveel reden voor die haat; het is een gegeven. Het is een haat die in stand gehouden wordt door het geweld dat hen door de ander wordt aangedaan, maar hoe kunnen we elkaar haten zonder te weten waarom? Haat zit in de geschiedenis van de mens en is altijd in de wereld aanwezig geweest. Ik kan helaas niet anders constateren dan dat haat een groot onderdeel van het mens-zijn betreft. Voor die absurditeit van het bestaan van geweld en haat wil ik ook aandacht hebben.

Daarnaast speelt de dood natuurlijk een rol. Julia zegt op een moment in het stuk: ‘Prachtig dat je voor iemand wil sterven. Dat je dat kan willen.’ Romeo en Julia vinden echt de bereidheid om ergens voor dood te willen gaan. De ervaring van die kids om op zo’n extreem radicale manier te willen kiezen voor het redden van de liefde, dat vind ik inspirerend.

Waarom Romeo en Julia?

Allereerst vind ik Romeo en Julia een prachtig stuk, waar veel kracht in schuilt. Shakespeare is ongelofelijk sterk met taal. Hij maakt in Romeo en Julia ontzettend mooie zinnen en gedachtes en hij geeft ons het prachtige gegeven van liefde en haat. Inhoudelijk staat voorop dat ik dat verhaal over liefde en haat graag nú wilde vertellen. Daarnaast vind ik de traditie waarin wij verhalen vertellen een interessant en mooi gegeven. Het ritueel van het hervertellen en het van generatie op generatie doorgeven van een verhaal maakt dat Romeo en Julia is uitgegroeid tot een van de grootste liefdesverhalen ooit. Ik kies ervoor om dit verhaal, dat wij allemaal zo goed denken te kennen, op een nieuwe manier te vertellen.

Er zijn vaak personages in stukken die ervoor zorgen dat je als regisseur met een bepaald toneelstuk wil werken. Vervolgens ben je dan eigenlijk aan het wachten op het moment dat er een acteur of actrice langskomt die jou als regisseur inspireert om het te gaan doen; om de laatste zet te geven daadwerkelijk met een stuk aan de slag te gaan. Dit keer had ik dit gevoel sterk toen ik Abe Dijkman leerde kennen en zag spelen. Ik dacht direct; deze jongen moet Romeo spelen. Hoewel dat natuurlijk absoluut niet de enige reden is om een stuk te doen, speelt het een belangrijke rol in de manier waarop een stuk mij inspireert.

Zou je Romeo en Julia omschrijven als Romantisch?

Romeo en Julia is een klassiek liefdesverhaal dat we vaak goed denken te kennen. Ik vind de naïviteit waarmee er af en toe naar het stuk gekeken wordt absurd. Men vergeet snel dat we kijken naar een meisje van bijna veertien en een jongen van ongeveer vijftien of zestien jaar oud. Julia wordt op dertienjarige leeftijd uitgehuwelijkt, vervolgens wordt zij zonder toestemming van haar ouders door de priester van het dorp getrouwd met een andere jongen, nog op dezelfde dag ontstaat er een vete waarbij die jongen de neef van het meisje van dertien vermoordt, waarna zij een paar uurtjes later voor de eerste keer seks hebben met elkaar en super romantisch liggen te doen in bed! Romeo en Julia is een stuk vol haat, geweld en seks, maar dan omstreeks 1595. Hoewel het in de tijd van Shakespeare nog heel erg gebruikelijk was om een geschikte huwelijkskandidaat voor je jonge dochter te vinden is het voor begrippen van onze tijd eigenlijk een heel amoreel stuk. Het fascineert me dat we zo romantisch blijven doen over die amoraliteit.

Waarom heb je ervoor gekozen om het stuk te laten bewerken door Jan Hulst en Kasper Tarenskeen?

Jan en Kasper hebben al eerder geschreven en geregisseerd bij Toneelgroep Oostpool en ik ben dol op het werk dat ze maken. Ik vind dat ze zich de afgelopen jaren aan het ontwikkelen zijn als twee supergoede schrijvers. Normaal gesproken regisseren ze hun teksten zelf. Dit is de eerste keer dat iemand anders hun teksten regisseert en dat vond ik een interessante stap. Ik heb hen gevraagd om de bewerking te maken omdat ik wilde dat het stuk zou gaan over jonge mensen die middenin het leven staan. Over een generatie die bewust leeft, die met open ogen naar de wereld kijkt en die vol humor, radicaliteit, brutaliteit en intelligentie zit. Wat de stijl van Jan en Kasper karakteriseert en wat ik zo mooi vind aan hun werk is hoe zij de brutaliteit en de lichtheid van het bestaan voelbaar maken en omarmen, zonder de ernst te verliezen. Daarnaast beschikt hun werk over een randje absurditeit waarvan ik vind dat het ook dit stuk heel erg verrijkt en actueel maakt.

In welke mate kunnen we als toeschouwer Shakespeare verwachten?

Doordat het Shakespeare is heeft men de neiging om het verhaal heilig te verklaren. Jan en Kasper hebben het stuk met vrijheid maar ook met veel respect bewerkt. Het is een heel spannende tekst geworden omdat het nog echt Romeo en Julia van Shakespeare is, maar dan geheel eigen gemaakt. Op de een of andere manier hebben Jan en Kasper met deze bewerking hun eigen taal met de taal van Shakespeare geïntegreerd. Soms denk je dat je Jan en Kasper hoort, terwijl het eigenlijk de taal van Shakespeare is. Met behoud van de structuur van het stuk en de personages hebben ze hun eigen draai aan het verhaal gegeven. Daarbij hebben ze de kleuren en de inhoudelijke lijnen van de personages en hun functies heel mooi uitgewerkt en hebben ze Shakespeares gebruik van metaforen, muzikaliteit, ritme en poëzie weten te gebruiken. In dat opzicht is het stuk nog steeds heel erg Shakespeare.

Welke rol speelt tijd in deze nieuwe bewerking?

Er wordt in de tekst verwezen naar verschillende tijdsperiodes. Het verhaal is in onze bewerking heel duidelijk in de Middeleeuwen geplaatst maar daarbinnen wordt gespeeld met diverse verwijzingen naar ontwikkelingen en het leven van nu. Door deze combinatie van tijden creëren we een ondefinieerbare tijd die eigenlijk niet bestaat en ontstaat er als het ware een nieuwe tijd. Met de onmogelijkheid van de tijdsbepaling leggen we nadruk op de absurditeit van tijd. Sowieso waren de Middeleeuwen behoorlijk absurd en zo ook het leven van onze puberende personages. Ik vind het een interessante gedachte dat de tijd waarin je leeft eigenlijk altijd absurd is wanneer je jong bent. Is jong zijn namelijk niet überhaupt een hele absurde levensfase of het leven zich nou afspeelt in de 21e eeuw of de Middeleeuwen?

Welke rol spelen het decor en de kostuums?

De twee families in het stuk proberen gescheiden van elkaar te leven. Dit komt doordat ze denken dat ze anders zijn en dat ze elkaar hierdoor moeten haten, terwijl ze in feite allemaal uit hetzelfde milieu komen en nauwelijks van elkaar verschillen. Sterker nog, ze leven in dezelfde wereld en zijn eigenlijk precies hetzelfde. Gek genoeg is dat soms moeilijk om te zien. In de vormgeving proberen we op een spannende manier die misleidende scheiding tussen de twee families te benadrukken. Met het decor worden de ‘verschillen’ tussen de families en hun werelden benadrukt, waarna de scheiding tussen de families op bepaalde momenten door elkaar gaat lopen. Ik vind dit een belangrijk element omdat het sterk doet denken aan hoe haat een rol speelt in onze huidige samenleving. We kennen tegenwoordig veel conflictsituaties vanwege geloofsovertuigingen of de angst om ons land met anderen te moeten delen. Daarbij wordt snel vergeten dat we allemaal mensen zijn en dat we leven in dezelfde wereld.

Je hebt gekozen voor een jonge cast. Waarom?

Ik ben heel erg blij met de cast en wist direct dat die voor het overgrote deel jong moest zijn. Met deze enscenering wil ik niet ontkennen dat Romeo en Julia in het origineel nog tieners zijn. Eigenlijk zou ik de spelers daarom zelfs nog jonger willen hebben maar dan hebben acteurs de toneelschool nog niet afgemaakt en ik wil ook graag met hele goede acteurs werken. De cast bestaat uit een groep zeer talenvolle jonge acteurs die de kans verdienen om zo’n mooi verhaal te spelen. Met het podium dat we hebben laten we een nieuwe generatie jonge acteurs zien die ontzettend goed is. Daarnaast zijn er drie wat oudere acteurs die de moeder, de pater en de voedster spelen. Zij vormen met z’n drieën het geweten van een wat oudere generatie in het stuk. De cast betreft dus zowel een hele goede nieuwe generatie als een vakkundig gezelschap.

Voor wie heb je deze voorstelling gemaakt?

Ik maak theater voor iedereen die open staat om een verhaal verteld te krijgen en zich mee te laten voeren. Bereidheid is een belangrijk woord. De voorstelling is gemaakt voor de toeschouwer die bereid is om ons opnieuw het verhaal van Romeo en Julia te laten vertellen, er naar te luisteren en het te horen zoals wij het belangrijk en urgent vinden om het op het toneel te brengen. Leeftijd speelt in die zin geen rol. Doordat het een brutale voorstelling wordt die over een jonge generatie en prille liefde gaat, maakt dit de voorstelling in bepaald opzicht super toegankelijk voor ook een heel jong publiek. Maar het oudere publiek gaat zich zeker niet uitgesloten voelen. Ik denk dat iedereen die liefde heeft gevoeld zich in het stuk kan verliezen en dat ook iedereen die haat kent, in hun eigen leven, in hun omgeving of in de wereld, zich tot de voorstelling kan verhouden. Het is een voorstelling voor de Shakespeare-liefhebber, taalliefhebbers, de jonge kijker, de doorgewinterde mens en een ieder die ooit in aanraking is geweest met liefde, haat of met allebei.

Sluiten